19-10-2010 Cijferseizoen
Cijferseizoen.
Voor het derde kwartaal is het cijferseizoen van start gegaan. De consensusverwachting voor de S&P 500 is 24 procent winstgroei en voor het gehele jaar 2010 is de prognose dat de 500 aandelen die deel uitmaken van deze index gemiddeld US$ 85,- per aandeel gaan verdienen. Voor 2011 wordt overigens een winst per aandeel van US$ 95,- verwacht.
Op het huidige indexniveau van 1165, impliceert dat een koers/winst-verhouding van 12. Om in de historie vergelijkbare waarderingen tegen te komen, moeten wij terug tot 1988. Een verschil met toen is echter dat de renteniveaus zich nu dicht bij 0% bewegen, terwijl de rente toen meer dan 7,5% was. Anders gezegd, de relatieve aantrekkelijkheid van aandelen is nu aanmerkelijk groter, want een belegger heeft immers iedere dag de mogelijkheid om te kiezen tussen aandelen of vastrentende beleggingen. Men zou zeggen dat de lage aandelenwaardering kopers trekt, maar momenteel prefereert een groot deel van de beleggers kennelijk de zekerheid van een lage beloning boven de kans op een hoge.
Wie zijn dan die beleggers? Voor een deel zijn het particulieren die met een blik in de achteruitkijkspiegel constateren dat zij de afgelopen jaren met beleggen weinig opgeschoten zijn. Teleurgesteld projecteren zij negatieve ervaringen uit het verleden op de toekomst.
Maar ook institutionele beleggers stellen zich momenteel bij aandelenbeleggingen terughoudend op. Enerzijds betreft het banken die momenteel een spel kunnen spelen waarbij tegen zeer lage tarieven kort geleend kan worden, waarna vervolgens langlopende obligaties met een hoger rendement gekocht worden. Een optisch veilig spel totdat de trend keert. Daarnaast zijn het pensioenfondsen die tegenwoordig ook geobsedeerd zijn met veiligheid. In hun streven beleggingen te matchen met langlopende verplichtingen prefereren zij obligaties boven aandelen, ondanks de uitzonderlijk lage rente. Met de dalende rente wordt dit steeds moeilijker, zoals wij dagelijks in de kranten kunnen lezen. Naar onze mening is dan ook sprake van een schijnveiligheid. Rationeel economisch denkend ligt ander gedrag meer voor de hand. Bij nagenoeg alle producten mag immers verwacht worden dat lagere prijzen kopers aantrekt, terwijl er bij hogere prijzen juist minder belangstelling is.
Het bovenstaande gedrag biedt mogelijkheden. Omdat de onderwaardering van de aandelen kansen biedt. Bovendien, in de huidige markt, ontstaat vanzelf een groep genegeerde aandelen met een te lage waardering. Dit biedt de value belegger kansen, hetgeen de ontwikkelingen bij de HEK Value fondsen aantonen.
Omdat de economische groei in de Verenigde Staten nog gering is, is het de verwachting dat de centrale bank het stimulerende beleid binnenkort naar een hogere versnelling zal brengen door het opvoeren van het quantatitive easing (QE) programma. QE staat voor het opkopen van (staats)leningen door de centrale bank met als gevolg dat de liquiditeit in het systeem vergroot wordt. Het uiteindelijke doel is tweeledig. In de eerste plaats wil men deflatie vermijden. Daarnaast stimuleert QE de economische groei. Een deel van de middelen zal haar weg vinden naar beleggingen en dat is goed nieuws voor alle beleggingscategorieën. De kans dat QE het startschot zal zijn voor een eindejaarsrally is groot. Traditioneel is het vierde kwartaal sowieso het beste seizoen voor aandelen.
